Kabels

Onze eerste verblijfsperiode in Thailand loopt af en we zijn nog steeds niet bekomen van verbazing. Iedere dag besef je dat Aziaten een totaal andere kijk op de dingen hebben dan wij. Een klein voorbeeld. Gisteren werd de tv-kabel aangelegd. Drie kwartier eerder dan afgesproken kwam een ploegje van drie man opdraven. Ze namen de situatie uitgebreid in ogenschouw, wat trouwens de dag daarvoor al was gedaan door de aannemer van het karwei. Dit was de uitvoerende ploeg. Met een bamboe ladder klommen ze vervolgens de ‘elektriciteitsmast’ in om daar de zoveelste kabel aan te bevestigen. Vervolgens werd die nieuwe zwarte kabel vastgeklonken tegen onze lichtgekleurde gevel. Op aanwijzing van Flavius, de architect van het huis, werd hij doorgetrokken langs de onderkant (het huis staat op palen) en toen haperde het karwei. Hoe moest die kabel naar binnen? Langs de gevel omhoog? Ugly, ugly, zei de chef. Langs de muur van het balkon? Ja, maar dan konden ze beter een witte kabel gebruiken. Uiteindelijk werd besloten tot het boren van een gat in de vloer (een robuuste laag beton) met een verbinding door de bodem van het kastje waar de tv op moest komen. Maar hoe boor je door beton en hout zodanig dat die gaten recht boven elkaar komen? Toen ze de maat namen met mijn bezemsteel kon ik me niet langer bedwingen en bood ze een centimeter aan. Yes, yes, lachten ze.

Na een heidens lawaai van de betonboor en een gat in het hout dat in geen velden of wegen correspondeerde met dat in het beton, besloten ze tot een Thaise oplossing. Languit op de grond liggend hakten ze met mijn Stanleymes op de juiste plek een gat in het hout. Het eerste, zorgvuldig geboorde, maar mislukte gat werd afgeplakt met tape uit mijn gereedschapskist. Op het slordige tweede gat plaatsten ze een stekkerblok. Vervolgens zijn ze drie kwartier in de weer geweest met het handmatig afstemmen van de kanalen. Alles in het Thais, zodat ik nog uren zoet ben geweest om in het Thaise menu te ontdekken hoe ik de taal kon omzetten naar Engels.

Deze operatie heeft de hele dag geduurd, want ’s ochtends om half tien viel de stroom uit. Er zijn hier twee soorten stroomvoorziening: de gewone government power tegen 3 Baht per Kilowatt en de zogenoemde private power, een soort noodvoorziening voor als de gewone stroom uitvalt. Die private kost acht keer zoveel, en daar worden bepaalde mensen flink rijk van. Want op volstrekt willekeurige momenten worden hele delen van het eiland afgesloten van de government power, onder het mom dat de vermoeide generatoren gespaard moeten worden. Wie het wil en kan betalen, schakelt dan over op het private netwerk. Deze toestand kan uren per dag duren en dat soms wel een paar keer per week.

De volkswoede hierover is groot; men praat over maffiapraktijken en de energiemedewerkers zijn al diverse keren bedreigd. Boeddhisten zouden volgens overlevering nog geen vlieg doodslaan, maar dat lijkt hier toch een fabeltje; de Thaise glimlach is ondoorgrondelijk. Het wachten is nu op een nieuw soort stroomvoorziening die van het vasteland komt over de zeebodem. Dan kunnen de generatoren eindelijk op de schroothoop en is er nog maar één soort stroom voor iedereen. Alleen gaat die wel het dubbele kosten.

Bij ons is alles klaar voor gebruik van private power; de handel hoeft maar overgehaald te worden. Alleen worden we niet op het netwerk aangesloten, want er zijn tijdelijk (?) geen elektriciteitsmeters: no have! En dus zaten we gisteren zeven uur zonder stroom, maar ook zonder water want de pomp is elektrisch. De mannen van de kabel gebruikten de tijd om lekker een dutje te doen in mijn tuin. Tot het ze te gortig werd en ze verdwenen naar de volgende klus. Aan het eind van de middag kon ik melden dat de stroom terug was en verschenen ze voor genoemde booroperatie. En ’s avonds konden we kijken naar de Nederlandse en Vlaamse programma’s van de zender BVN, een luxe die wel zelfs in Frankrijk niet kenden.

Kristien gezien door Mark