Gedierte

In de tropen is niet de mens heer en meester, maar heerst het gedierte: alles wat kruipt, sluipt en vliegt. En het gedierte is hier talrijker dan de doorgaande reiziger kan vermoeden. Dat was het enige waarvan ik griezelde bij onze plannen om in Thailand te gaan wonen. Hoe zou ik bijvoorbeeld reageren als ik oog in oog kwam te staan met een slang? Toen ik Flavius daar naar vroeg, zei hij dat op Koh Tao in elk geval geen giftige slangen voorkomen.

Overigens waren we hier koud een week toen hij een katje kwijtraakte aan een drie meter lange python die in de buurt van zijn watertank was gesignaleerd. Het blijven gevaarlijke jongens. inmiddels heb ik mijn vuurdoop gehad. Vlak onder het keukenraam zag ik een dunne groene slang op zijn akkertje over de rots in mijn net aangelegde tuintje kruipen. Van deze wist ik dat hij echt ongevaarlijk is, maar toch...

Ook de ons vertrouwde diersoorten steken hier in een ander jasje. Er is niet één vogelsoort die ik herken. Ze krijsen, krassen, piepen en gillen soms als een kat in doodsnood. Dat is vast hogere verleidingskunst. De bomen rond het huis zijn zo hoog en dik bebladerd, dat je ze amper te zien krijgt. Maar de grootste druktemaker vliegt soms ineens op uit het bladerdek: een soort roodbruine ekster met een lange staart.

In de boom naast onze brievenbus zien we twee donkerbruine mini-eekhoorns langs de stam omhoog roetsjen. Halverwege huppen ze via de elektriciteitsdraden naar een metalen paal die van boven open is. Daar duiken ze om beurten met hun snoet in en blijven zo een poosje hangen. De voorraadkamer? In elk geval is het een veilige plek, ettelijke meters boven de grond. Zodra je geluid maakt, schieten ze er vandoor.

Het wemelt van de vlinders, van klein tot groot, in felle kleuren, van hemelsblauw tot diepgeel en zwart. En zodra het duister invalt, tegen half zeven, nemen vleermuizen hun gefladder over. Na een regenbui vliegen er wolken muggen op, een lekkernij voor viervleugelige libellen die uit het niets opdoemen. Hagedissoorten in alle maten ruimen binnens- en buitenshuis insecten op. In het begin wil je ze de deur uitjagen, maar al gauw zie je er het nut van in.

Dat er zoveel verschillende mieren bestaan heb ik nooit geweten. Als je hier niet direct de afwas doet, of ergens een restje fruit onbeheerd achterlaat, rukt er onmiddellijk een bataljon mini-mieren uit: de schoonmaakploeg. Waar ze vandaan komen is niet te begrijpen. Ook overblijfselen van gesneefde insecten ruimen zij. In lange sporen rennen ze af en aan tot alle resten verdwenen zijn. Dag en nacht zijn ze in touw.

grotere soortgenoten ontfermen zich in de tuin over het jonge groen. Soms wordt een plant in een dag tijd van al zijn bladeren beroofd. In het begin wil je ze te lijf met de gifspuit, maar al gauw zie je in dat er geen beginnen aan is. Respect voor het gedierte, daarmee kom je hier het verst.

Kristien gezien door Mark