Koloniaal

Bali, Lombok, Sumba, Sumbawa, Flores, Timor. Mijn moeder kon het rijtje eilanden van Ons Indië zo opdreunen. Ik ben geboren in het jaar dat Indonesië zelfstandig werd, en op mijn lagere school werd het leren van dat rijtje niet meer nodig gevonden. Geen kolonie meer – dan hoeven die kinderen ook niet te weten waar het ligt.

Toen ik tijdens het toelatingsexamen voor de middelbare school de blinde kaart van de Indische archipel voor mijn neus kreeg, begreep ik hoe kortzichtig die houding was. Ongeacht wie er de baas is, die eilanden liggen er en bovendien is rijtjes leren leuk als je klein bent. Dat ik nog eens op drie uur vliegen van die eilanden zou komen wonen is een van de verrassingen van het leven.

Terwijl wij Nederlanders nog bezig zijn met eerherstel voor onze koloniale wandaden, kijkt men in deze regio met andere ogen naar het grootste moslimland ter wereld. Ik las laatst in het zakenblad Forbes Asia een reportage over de nieuwe rijken van Azië, die ook in Indonesië bleken te zitten. Zo was er sprake van een textielgigant in Jakarta met hippe mode, die je eerder in Japan zou situeren dan te midden van gesluierde moslima's.

Ook op toeristisch gebied hebben onze ex-rijksgenoten een voorbeeldfunctie. Zo wordt op Bali een upgrading operatie uitgevoerd. De Balinezen hebben hun buik vol van het goedkope rugzaktoerisme en willen een ander segment van de markt bereiken, waar meer geld in omgaat. Daar hebben ze in Thailand ook wel oren naar. Op Koh Tao merk je er voorlopig weinig van. Toeristen komen hier om te duiken en niet om de watten te worden gelegd. Maar op het aanpalende Koh Samui verrijzen steeds meer luxe resorts met vier sterrenrestaurants en Europese chefs.

Het mysterieuze eilandenrijk dat vroeger zo veraf leek, is nu opeens dichtbij. Ik ben benieuwd of ik daar ooit nog eens een voet zal zetten.

 

Kristien gezien door Mark