Trouwdag

Mijn telefoontje zorgt voor enige verwarring op de ambassade. Ons verzoek om een gelegaliseerde verklaring dat we getrouwd zijn, zit niet in het standaardpakket. Mensen komen hier juist voor een verklaring dat ze óngetrouwd zijn. Wie in Thailand wil trouwen, moet kunnen aantonen geen bigamist te zijn. Maar omdat steeds meer getrouwde stellen in Thailand domicilie kiezen, besluit men stante pede tot de aanmaak van een passend formulier. Een staaltje vaderlandse service in den vreemde.

Alleen moet de aanvraag schriftelijk worden ingediend, voorzien van paspoortkopieën en een betalingsbewijs. En daar loert een risico. We hebben een maand de tijd voor we terug moeten naar de Immigratiedienst. De Thaise posterijen zijn betrouwbaar in die zin dat er vrijwel nooit iets verloren gaat. Alleen is het volkomen ongewis hoe lang de post erover doet. Soms arriveert pakketpost uit Nederland binnen een week, terwijl een aangetekende brief van hier naar Bangkok rustig veertien dagen onderweg is. En zo zitten we op de dag voor vertrek nog steeds met lege handen. Maar dankzij een spoedaktie van de consulaire afdeling van de ambassade, die ’s ochtends in alle vroegte het dokument opnieuw aanmaakt en op de mail zet, halen we nog net de boot.

 

Het kantoor van de Immigratiedienst op Koh Samui lijkt wel een mierennest. Je moet je met je ellenbogen een weg naar binnen banen. De balie is overladen met stapels paspoorten in allerlei kleuren. Als ik eindelijk aan de beurt ben, word ik meteen weggewuifd. Retirement visa? No! Kom over een uurtje maar terug, de ambtenaar is lunchen.

Dat komt goed uit want wij hebben ook nog niet gegeten. Na anderhalf uur waag ik me opnieuw naar binnen. Het is nog net zo stampvol. Nu word ik doorverwezen naar een kantoortje. Retirement visa? Nee, daar is het nu veel te druk voor. Misschien over een uur of twee, drie.

Wel verdorie! Eerst heb ik een maand achter een simpele verklaring aangejaagd en nu weer dit obstakel. En morgen terugkomen is geen optie, want ons vliegtuig naar Bangkok vertrekt al vroeg. We zoeken een plekje in de wachtruimte zodat we kunnen zien wanneer het wat minder druk wordt. Maar de stroom nieuwkomers houdt aan.

We raken in gesprek met mensen die ook al uren wachten en wat blijkt? De Immigratiedienst is een halve week dicht geweest vanwege Thaise feestdagen: Coronation Day, Royal Ploughing Day, gevolgd door het weekend. Op deze maandag is het één dag open om morgen weer te sluiten voor de zoveelste feestdag. Thailand kent 32 officiële feestdagen, waarvan met name ambtenaren profiteren want alle overheidsinstanties zijn dan gesloten.

De grootste drukte op het kantoor wordt veroorzaakt door verlenging van het 90-dagen visum. Iedere buitenlander in Thailand heeft de plicht zich om de drie maanden te melden bij de Immigratiedienst. Je moet een formulier invullen voor een nieuwe periode, dat in de computer wordt ingevoerd. Van het formulier wordt een fotokopie gemaakt en een gedeelte van die kopie wordt langs een liniaal afgescheurd en in je paspoort geniet. Daarop staat de datum van je volgende bezoek. Een omslachtige papierwinkel, die schreeuwt om automatisering.

Na ruim twee uur wachten wordt het mij te dol. Ik loop met mijn papieren het kantoortje binnen en ontdek in de verste hoek een bureau waarboven een bord hangt met de tekst ‘Longterm Visa’. Hier moet ik zijn! De ambtenaar heeft blijkbaar net gegeten en kijkt mij welwillend aan vanachter torenhoge stapels papier. Retirement visa? Ja hoor, geef je papieren maar.

Hij bladert ze door en vraagt naar onze inkomensverklaring. Hoeveel is dat in Thaise baht, vraagt hij als hij een bedrag in euro’s ziet. Weet ik veel. Hij googelt de dagkoers en zegt verrukt dat het genoeg is. Dan vraagt hij of we getrouwd zijn. Nou en of! Ik toon hem het moeizaam vergaarde bewijsstuk. Hij knikt en maakt een gebaar dat ik buiten kan wachten. Eindelijk aktie.

Een half uur later vraagt Hans aan mij of die ambtenaar misschien een roze truitje draagt. Ik zie hem in de verte staan kijken of hij mij kan ontdekken in de menigte wachtenden. Hij draait zich onverrichterzake om en loopt zijn kantoor weer in. Ik worstel me door de rijen rond de balie en loop hem achterna. Als hij me ziet, zwaait hij met onze paspoorten – ze zijn klaar.

Maar voor wat hoort wat in dit land. Hij houdt de paspoorten omhoog en vraagt hoeveel ik vorig jaar betaald heb. Dit keer laat ik me niet bedonderen, neem ik me voor. Vierduizend, zeg ik – de officiële prijs is 3800 baht. Hij kijkt me ongelovig aan. Ineens staan er vier vrouwelijke ambtenaren om ons heen – kijken wie er wint. Ik wil niet lullig doen en zeg: het kan ook vijfduizend zijn geweest. Per persoon, vraagt hij? Dank je de koekoek, voor ons samen natuurlijk! De vrouwen beginnen te lachen en lopen weg. Die slag heeft hij verloren.

Ik pak mijn portemonnee en tel vier briefjes van 1000 uit. Maar hij wacht op nummer vijf. Zo doen we allebei water bij de wijn. Met een brede grijns overhandigt hij me de paspoorten en laat me het nieuwe visum zien, geldig tot 14 mei 2013. De vervaldatum is onze trouwdag; dit jaar de vijfentwintigste. Een visumstempel als zilveren bekroning.

Kristien gezien door Mark