Chinatown

In Thailand wonen al eeuwenlang Chinezen. De ruilhandel met de grote buur gaat terug op de 12e eeuw. Chinees porselein en thee tegen Thaise rijst. In de oude Siamese hoofdstad Ayutthaya maakten Chinezen in de 16e eeuw het leeuwendeel uit van de kolonie buitenlandse handelslieden. De Chinese immigratie in Thailand kende een hoogtepunt rond 1930 tijdens de burgeroorlog in China. De gevluchte Chinezen vestigden zich vooral in de Thaise hoofdstad waar ze 40% van de bevolking uitmaakten.

In Bangkok schoolden zij samen langs de rivier, waarover hun handelswaar werd aangevoerd. De eerste bouwsels die in Chinatown verrezen waren tempels. Een van de oudste – de Wat Mangkon Kamalawas – dateert uit 2473, dat een stuk ouder klinkt dan 1930. Onlangs hebben projectontwikkelaars bedacht dat die tempel tegen de vlakte moet om plaats te maken voor de bouw van een zoveelste shopping-mall. Gelukkig komen de Chinezen daartegen massaal in protest.

Chinatown is nog een stukje authentiek Bangkok. Met veel meer tempels dan die ene. Zodra je van de hoofdstraat afslaat, beland je in een wirwar van steegjes waar tempels en negotie elkaars naaste buur zijn. Voor de ingang van een tempel staat een beeld van de veelarmige godin van de genade. Om haar armen hangen parelkettingen, geschonken door gelovigen wier gebed is verhoord. Binnen staat de Boeddha broederlijk naast Chinese volkshelden.

In de tuin van een belendende tempel worden voorbereidingen getroffen voor een offermaaltijd. Mensen op hun paasbest uitgedost zien toe hoe het voedsel wordt klaargezet. Auto’s rijden af en aan met marktwaar. Het bruist hier van leven.

Een steeg verder staan we opeens in de centrale markt. Overdekte stalletjes waar van alles wordt verkocht en vooral klaargemaakt. Tussen 8 en 12 uur ’s ochtends wordt hier de etenswaar voor de eetstalletjes in de hele wijk voorbereid. Een jongen toont zijn spierballen voor de foto met een bijl in zijn handen achter een hakblok. Een heel varken wordt tot het laatste snippertje fijngehakt. Een collega schroeit met een gasbrander het haar van een gescalpeerde varkenssnuit.

Paddenstoelen worden in stukjes gehakt, garnalen gepeld, inktvis gepekeld, visvlees vermalen en tot kroketten gedraaid. Een paar stappen verder staan we voor dampende ketels waarin bami wordt gekookt en geserveerd in grote kommen met groenten en vlees of vis naar keuze. Er is een intrigerende stal met pikzwarte blokken tofu. Ik raak hier amper uitgekeken, maar we zijn op excursie dus moeten we door.

Via een bredere straat met een grote speciaalzaak voor klokken en horloges, belanden we in steegjes waar ritueel verbrandingspapier wordt verkocht. Zoals wij vroeger papieren bouwplaten in elkaar lijmden tot huizen en molens, zo koop je hier papieren voorwerpen die ter plekke in de winkeltjes in elkaar zijn gelijmd.

Er is van alles – van goudstaven tot complete woonhuizen, van schoenen tot kostuums, van mobiele telefoons tot laptops. Allemaal van papier. Die voorwerpen zijn bestemd als offergave voor de doden en worden verbrand in een oven die een paar straten verder staat en waar een vuur brandt boven een enorme hoop as. Zo staat de dode niet voor schut in het hiernamaals zonder iPad of Nikes. Gezien het grote aantal winkeltjes en de omvang van de ashoop moet dit een populair gebruik zijn.

Even verderop wordt midden op de stoep een elegante gele Chinese doodskist met goudverf versierd. In de winkel erachter zie ik soortgelijke kisten staan in knalrood. Het blijkt dat de kleur samenhangt met het deel van China waaruit de overledene afkomstig is. In die kisten, die ze vaak al bij hun leven komen uitkiezen, worden de doden niet begraven. Ze liggen erin opgebaard tot aan hun crematie.

Veel van de Chinezen zijn inmiddels versmolten met de Thaise bevolking. Toen emigratie uit China na de overwinning van Mao in 1949 verboden werd, assimileerden zij in rap tempo. Onze gids is er een voorbeeld van. De voertaal in Chinatown is Thais, maar met zijn Chinese achtergrond weet hij de geheimen van deze fascinerende wijk te doorgronden en over te dragen. Een belevenis.

Kristien gezien door Mark