Tijdsbesef

Het bouwproject twee huizen naast ons had al op 1 januari klaar moeten zijn. Maar de opdrachtgevers zijn aarzelkonten en bedenken telkens nieuwe wijzigingen. Tot ellende van de aannemer die graag zijn geld wil zien. En eerlijk gezegd zijn wij er ook niet blij mee want we zitten nu al meer dan een jaar in hun bouwtroep die via onze oprijlaan wordt aangevoerd.

Een tijdje terug sprak ik de Thaise opzichter die zijn motor afzette van verbazing toen hij mij in de tuin zag werken. Hij dacht dat alle farangs lang uitslapen en feestvieren op het strand, legde hij uit. Zij zijn op vakantie en wij wonen hier – nam ik het voor ze op. Het begrip vakantie zei hem duidelijk niet veel, maar ik had zijn onverdeelde sympathie.

Daardoor viel zijn oog op de puinzooi die de bouw had veroorzaakt. Gescheurde zakken cement, grind en zand en stapels gebroken stenen. Ik ruim alles op ­­– beloofde hij spontaan. Over een dag of twee is het karwei voltooid en komen we alles weghalen. Het deed me denken aan de belofte van de aannemer die in maart naar een scheur in de gevel was komen kijken. Over twee dagen zou hij hem laten repareren.

Zo’n belofte wekt blije verwachtingen maar moet je vooral niet letterlijk nemen. Die twee dagen kunnen twee weken, twee maanden of zelfs twee jaar worden. Zo wachten we al sinds de oplevering van ons huis op een aantal kleine reparaties. De klant mag vragen wat hij wil, maar de Thai beslist hoe dringend die verlangens zijn. Alles gebeurt wanneer de tijd er rijp voor is.

Kristien gezien door Mark