Oranje boven

In jaren hebben we niet zoveel Nederlandse televisie kunnen kijken als hier. Hollandse zenders waren in Normandië niet te ontvangen. Dat ging de pet van onze plaatselijke antenniste te boven. Een onhandiger technicus heb ik nooit ontmoet. Nieuwe opdrachten ontliep hij als het even kon. Ik hield mijn hart vast als hij op de ladder stapte om de schotel op het dak in te regelen. Er staan hier veel te veel bomen – was zijn commentaar toen hij het signaal niet scherp kreeg.

Maar hier, aan het andere eind van de wereld, ontvangen we probleemloos BVN met een dagelijkse keuze uit de programma’s van Nederland en Vlaanderen. Die keuze is afgestemd op het grote publiek. Zo reikte de grote baas van BVN onlangs een prijsbeker uit aan walskoning André Rieux omdat hij de populairste artiest is onder ex-pats. Op dat soort momenten zou ik het liefst mijn paspoort inleveren.

Toch zijn er uitzendingen die je Hollandse hart goed doen. Gisteravond kregen we, in afwachting van het Vlaamse avondjournaal van de dag ervoor, opeens live verbinding met Den Haag. Paleis Noordeinde waar de koetsen klaar stonden voor de jaarlijkse rijtoer naar de Ridderzaal. Het begon hier al te schemeren, maar Den Haag lag in het middagzonnetje. En zo waren we rechtstreeks getuige van de troonrede – een van de weinige tradities die nog niet zijn afgeschaft in Nederland.

Hier in Thailand staat traditie hoog in het vaandel. Er gaat geen maand voorbij of je ziet leden van de koninklijke familie onder grote publieke belangstelling assisteren bij een of ander oeroud ritueel. Traditionele kostuums zijn daarbij schering en inslag. Van een anachronisme als de Gouden Koets kijken wij dus niet vreemd op. Wel van al die oranje petjes in het publiek. Alsof ook Prinsjesdag verwordt tot een reclamestunt. Maar ja, in een land dat uit winstbejag rookworsten afbeeldt op zijn postzegels kan je dat zomaar verwachten.

Kristien gezien door Mark